vrijdag 20 april 2012

We gaan fout!

Pietervrouw heeft veel ervaring met lange wandelingen, ze had de route uitgezet, dus zij navigeerde. Ze volgde nauwgezet de routebeschrijving op haar papier.
En ik volg mensen met een routebeschrijving altijd. Mij hoor je niet mopperen als we verkeerd lopen, ik heb dat namelijk helemaal niet in de gaten, ik had andere gedachten te denken. Maar H&H zijn anders. H had een kaart en H had eveneens een routebeschrijving. Dus H&H sloegen al babbelend een weg in.
'Fout!', riep Pietervrouw, we moesten doorlopen.
H&H wisten het zeker. We moesten namelijk pas oversteken bij huis nummer 11, en hier was geen huis.
Pietervrouw wist het ook zeker. Ze wees op de routebeschrijving. 'Kijk, we moeten naar een grasweg met knotwilgen.'
Daar zijn we nog niet, zei H, we zijn veel eerder.
Maar Pietervrouw had de hele tijd de routebeschrijving gevolgd, dus zij kon het weten.
En het was waar, ze had de hele tijd op het papier gekeken.
Toch bleek het geweld van H&H te sterk. Pietervrouw gooide haar routebeschrijving weg, wij raapten hem op en al mopperend liep ze achter ons aan. We gingen hé-le-maal verkeerd, voor haar hoefde het niet meer.
We liepen over een grasweggetje met bomen. Verbitterd riep Pietervrouw: 'Hier hadden knotwilgen moeten staan! We zouden langs knotwilgen lopen, zo hoeft het voor mij niet meer.'
We liepen verder, H&H voorop, ik naast een mopperende Pietervrouw.
Na een half uur kwamen we bij een huis nummer 11 en liepen naar een grasweggetje met knotwilgen.
Maar Pietervrouw had zich toen al overal bij neergelegd.

woensdag 18 april 2012

Flopke, neem niet te veel mee!

Vooraf had Pietervrouw me op het hart gedrukt: Flopke, neem niet te veel mee! Je moet het allemaal op je rug dragen, dus weet wat je doet! Ik heb een klein rugzakje mee en H. heeft helemaal niets mee. Ja, een tandenborstel en een onderbroek.
Ik heb de dagen ervoor de paar dingen die ik wilde meenemen, allemaal weer teruggelegd. Wat nou kam, hoezo moet je haar goed zitten als je door het bos loopt? Een muts? Het zal heus niet koud zijn of regenen, leg terug op de kapstop. Een extra T-shirt? Onzin! Deodorant? Tandpasta? Allemaal nodeloos gewicht, je gaat maar twee dagen weg. En zo snoerde ik een minimaal rugzakje om. Een flesje water, wat brood, een rokje ('s avonds moet je natuurlijk niet hetzelfde dragen als overdag, ergens is er een grens,) maar het rokje paste bij mijn sportieve outfit overdag, mijn maillot kleurde er prachtig bij. En verder lag alles thuis.
En ondanks dat lichte gewicht, viel ik bijna achterover toen ik Pietervrouw op een of ander station ontmoette. Want alle aanwezigen (te weten H&H) hadden net als ik een bescheiden rugzak om. Maar Pietervrouw....
En kijk, hier zit ze tussen haar spullen.
Ze was namelijk op zoek naar haar minimarsjes (voor de lekkere trek) en die zaten onder haar skibroek (voor als het erg koud zou worden), haar extra trui en haar gymschoenen (je weet maar nooit) en die vier appels die ze meedroeg (ze houd niet van appels, maar beter mee verlegen dan om verlegen).


dinsdag 17 april 2012

Serieus Wandelen

Normaal gesproken als ik ga wandelen, trek ik mijn slippers aan en de deur achter me dicht en dan zie ik wel wanneer ik weer thuis ben, want om een route uit te stippelen, is me te veel moeite. Pietervrouw is uit ander hout gesneden, die doet NS-wandelingen. (Misschien de toekomst voor de NS, want bij een wandeling is de vertraging voor rekening van de reiziger en niemand dan de reiziger.) Dan zoekt ze een route, ze bespreekt een hotel en zorgt dat er een gezelschap met haar meeloopt. En zo kwam ik dit weekend diep in het bos terecht. Twee dagen lang lopen, ik wist niet dat ik het in me had.
Hier het bewijs. Niemand had een pen bij zich, dus ogen kon ik niet tekenen. Het is behelpen op zo'n tocht, ik mocht namelijk niet te veel meenemen van Pietervrouw, maar daarover later meer.

maandag 16 april 2012

Komt er nog wat van?


Pietervrouw hing vanochtend al aan de telefoon.
'Flopke, komt er nog wat van, van die blogs over de wandeltocht?'
'Ja ja,' zei ik. 'Die komen. Binnen 24 uur, beloofd!'
'Ben ik vervelend,' vroeg ze.
Nee hoor, Pietervrouw, valt reuze mee. Het is eigenlijk vooral vervelend dat er gewerkt moet worden.
Dus even snel. Later meer over de tweedaagse wandeltocht, want ik heb twee dagen lang lopen pochen dat ik erover zou bloggen. Gedurende twee dagen kom je namelijk van alles tegen. Zoals pissende varkentjes.

maandag 2 april 2012

Naar de petoet



Vandaag ga ik naar de gevangenis, om twee uur moet ik me melden aan de poort. Wat draag je dan?
Ik trok mijn paarse jurk aan met een grijs vest erover. Daarmee trek je niet overmatig de aandacht, je bent net een grijze muis (die ik in mijn kamer by the way niet meer ben tegengekomen).
Een logische gedachte, maar niet logisch genoeg.
Want natuurlijk dien ik dit te dragen.


Hij is nog een beetje gekreukeld, hij lag onderin de kast.
Alweer logisch, zo vaak wordt ik niet opgeroepen.
(Nou ja, het moest eigenlijk een blauwwit streepje zijn, maar daar heb ik geen jurk van. En als ik het wel had, had ik het niet aan durven doen. Aan de andere kant: de vrouw die ik in de gevangenis sprak, had wel een blauwwit streepje aan.
Echt waar.)

vrijdag 30 maart 2012

Iiiiiek!

Gister zag ik vanuit mijn ooghoeken iets bewegen. Meestal als je dan kijkt, is het weg, maar in dit geval kwam het snel weer terug. Het was een muisje dat van achter de ene box overstak naar de andere en daarna de kamer doorkruiste.
Ik wil er graag bijhoren, daarom pas ik me aan, dus deed ik wat ik geacht werd te doen: gillen. Ik leek wel een wijf.
Het muisje werd daar onrustig van, rende terug naar de boxen en vluchtte achter de gordijnen.
Na veel gegil en hulp en nadat het muisje naar buiten was gejaagd, ging ik weer op mijn stoel zitten.
Maar het was niet meer zoals ervoor.
Waar kwam het beestje vandaan? Kwam het van buiten, was het via een kier door de deur geglipt? Of woonde het al langer binnen, ergens onder de vloer? Was het kortom een binnen- of een buitenmuisje? (Van Broer heb ik begrepen dat ze verschillend zijn. Als je een buitenmuisje binnenkrijgt, is dat geen probleem, want hij woont er niet, hij gaat altijd weer naar buiten.
Maar ja, andersom is dat ook zo...)
Als ik nu de kamer binnenkom, klop ik even.

maandag 19 maart 2012

Essentiële waarschuwing


Dit heeft nergens iets mee te maken, ik ben al lang niet meer in de bergen geweest, maar ik moest het nog altijd kwijt. Als ik door de bergen rijd en ik zie dit bord, dan denk ik aan jullie. Dan wil ik erover schrijven, maar ik heb geen computer, omdat ik dus door de bergen rijd.
Ik zie dat bord, ik snap dat er elk moment stenen naar beneden kunnen komen en dan denk ik altijd: nou en?
Ik ben gewaarschuwd, dat is natuurlijk winst. Maar je ziet de stenen niet aankomen, er zit geen raam in mijn dak. En dan nog, je kunt geen kant op als je over een smalle bergweg rijdt.
Natuurlijk is het goed te weten waar je aan toe bent, er moet geen informatie worden achtergehouden, alle bedreigingen moeten in kaart worden gebracht, kennis is essentiëel.
Maar op een of andere manier vind ik dat een erg subtiele aanleiding voor een verkeersbord.

zaterdag 17 maart 2012

Over niets

Als er belangrijke dingen gebeuren, maar je wilt de privacy van mensen respecteren, dan schrijf je er niet over en is er eigenlijk geen ruimte om te schrijven over wat minder belangrijk is.
Nu is privacy respecteren een ouderwetse en vooral linkse hobby. (Behalve als het over privacy van eigen inkomsten gaat, privacy over van wie je bergen met geld krijgt. Dat kan behoorlijk rechts zijn. Heel rechts zelfs. Linksvijandiggezindrechts.)
Maar de privacy van anderen respecteren, je mond houden en er niet eropaf gaan, aanbellen en beginnen te jennen, dat is erg Job-Cohennerig, daar loop je niet mee te koop.
Dus dan houd je je mond en doe je of je er niet bent.
Maar af en toe krijg ik de vraag of ik nog een keertje iets wil schrijven. En dan zeg ik niet: SCHRIJVEN? HOEZO MOET IK SCHRIJVEN? IK MAAK ZELF WEL UIT OF IK IETS GA SCHRIJVEN, BEMOEI JE MET JE EIGEN ZAKEN! Want hoewel het helemaal niet raar is in deze tijd om zo te reageren , blijf ik het een beetje onaardig vinden. Liever schrijf ik dan gewoon iets.
Maar ja, hoe schrijf je iets over niets?

zaterdag 14 januari 2012

Houd je bék, Jaap

Soms valt het mee, soms valt het tegen, wie zei dat ook alweer?
Hoe dan ook, hij had zijn mond moeten houden.

'Gut Jaap, als je niks beters weet, ga een nieuwe fles wijn halen, ik sta droog.'
'Ja Jaap, nog één zo'n dooddoener en ik ram je voor je bek.'
'Jeeezus, waar waren we? Telkens als dat geluid begint te maken, bloedt het gesprek dood.'

(Dat kan grof lijken, maar het is wel terecht. Want hoewel je vaak gelijk hebt als je een cliché gebruikt, je hoeft het nog niet hardop te zeggen. Daardoor bloedt een gesprek dood. Of - nog véél erger - het wordt oever- en zoutloos. En je wordt er niet populair van. Bij mij tenminste. Zoals die keer op een verjaarspartijtje, wat ik niet al te vaak doe, en je komt in een groep die niet veel gemeenschappelijks heeft. Dan heb je elkaar niets te zeggen, het valt stil, iedereen zit na te denken over hoe hij het ijs kan breken en zegt een of andere muts: 'Daar gaat de dominee voorbij.'
Dat heb ik wel eens meegemaakt en ik haat er de betreffende vrouw nog altijd om. Vol overgave.)

Maar goed, ik wilde iets zeggen. Ik dacht dat ik op éénderde was van het terugzetten van mijn foto's, daar heb ik me vorige week nog over zitten beklagen, och arme ik, wat was ik zielig, tot vanochtend. Het was zo'n ochtend dat je denkt dat het leven best wel te doen is, als je maar niet te ver vooruit kijkt. Ik besloot een uurtje strafwerk te maken en een stel foto's terug te zetten. Maar opeens bleek het niet meer nodig. De foto's van 2008 en eerder waren niet gewist.
Ander mapje, geen idee.
Alles was in orde.
En nu heb ik tijd over.
Dusssss.
Als Jaap toch niets beters te doen heeft, lust ik nog wel een kopje koffie.

vrijdag 6 januari 2012

Bureaucratisch pingpongen


Hé, weer even een lekker potje getelemarketeerpingpongd. Drie keer heen en weer gebeld met Pietervrouw. Binnen de korste keren hadden we een bureaucratisch bedrijf op poten gezet, waarin niemand iets zonder overleg kan besluiten.
De telemarketeer belde gister al, maar hing op, want er was een ander lijntje. Vind ik onbeleefd, maar dat maakt niet uit, want ik had er zin in.
Vandaag belde ze terug. Ik had een bedrijf, of ik mijn elektriciteit tegen bedrijfstarief wilde inkopen.
Dat wilde ik wel.
Bij welke energiemaatschappij zat ik.
Dat kon ik zo niet zeggen, aangezien Pietervrouw mijn communicatie naar buiten toe doet. Ik wilde haar telefoonnummer geven, moest die even zoeken, want mijn secretaresse was er vandaag niet.
Nadat ik het nummer had gegeven, belde ik Pietervrouw, om haar voor te bereiden. Ze was al in gesprek.
Ze was blij dat er een telemarketeer belde, vertelde ze later. Ze wilde mij als haar zaakwaarnemer naar voren schuiven, maar merkte tijdens het gesprek, dat zij de zaakwaarnemer was.
Ze schakelde.
Ze was zeer geïnteresseerd, had de telemarketeer ook brochures en folders? Dan kon ze zich oriënteren.
De folders konden per e-mail worden opgestuurd.
Het e-mailadres, zei pietervrouw, moest ze even aan mij vragen.
Ik werd teruggebeld. Ik gaf niet direct mijn e-mailadres, want ik wilde dat even kortsluiten. Omdat Pietervrouw ondertussen op een andere lijn belde, zei ik dat ik nu in overleg ging.
Ze zou terugbellen.
Dat heeft ze nog niet gedaan.
Ik hoop dat het er nog van komt. Want uit de bespreking is een e-mailadres gekomen. Ik heb hem hier.
We willen deze zaak doorzetten. Volledig. Zo lang mogelijk.
En we hopen dat onze telemarketeer een beetje meewerkt.